BTW verlaging in de lift?

In de periode van economische ontwikkelingen is er een stimuleringsmaatregel voor bouwend Nederland bedacht door het Ministerie van Financiën. Leidt dat tot meer orders in gevel- en liftenland, in de bestaande bouw, dan worden de levertijd nog langer dan de huidige. Dan willen we met zijn allen vooraan staan om de werkzaamheden op 1 juli 2011 opgeleverd te krijgen. Ik ben benieuwd wat voor spannende momenten dit met zich meebrengt.

Met al die aanbieders die straks (moeten) beloven dat ze het werk voor 1 juli 2011 gaan opleveren, volgen nog discussies wie de “schuldige” straks wordt van het niet op tijd opleveren. Wie zal dan het verschil in BTW gaan betalen? Opdrachtgever of diegene die de BTW in rekening (wil) brengen na de opleveringsdatum. Tot wanneer mag dan de rekening ingediend worden na het opleveren. Maar wie bepaald dan wat een oplevering is? En als de opdrachtgever bepaald dat niet aan de opleveringsvoorwaarden is voldaan, en de oplevering niet geldig verklaard, dan is hij (naar keuze kan hier ook “zij” worden gelezen) in een keer een stuk duurder uit.

Dit levert straks waslijsten aan “restpunten” en “faalkosten” op. Misschien kan BTW-verlaging wel leiden tot meer kosten door de ellende die het met zich meebrengt.

Kortom er volgt nog wel wat discussie over wat allemaal wel en niet mag. Met aanslagen achteraf van de Belastingdienst wanneer blijkt dat een belastinginspecteur vindt dat ten onrechte een te laag BTW tarief is gerekend. Wie gaat het dan betalen? De opdrachtgever of degene die te weinig heeft gerekend.

We zullen het gaan meemaken. Gegroet, Péron

Werkelijke waarde “opgeleverde” installaties!?

Langdurige contracten na nieuwbouw

Aansluitend bij nieuw te bouwen liften worden onderhoudscontracten afgesloten. Dit wordt door aanbieders bij voorkeur met een langdurig contract gedaan. Tegen een prijs die er vaak niet om liegt. Het levert met name voor het liftbedrijf een goede compensatie om de lage winst of zelfs het verlies op de nieuwe installatie te compenseren. Voor een lifteigenaar, bijvoorbeeld een “onervaren VvE”, lijkt dit een goede oplossing. Want men heeft er geen omkijken naar, zo is dan de verwachting. In de praktijk is dit maar al te vaak een desillusie is. Lees verder

Prestatie-eisen of uitvoeringseisen!

Aanbesteding met prestatieomschrijving

“Het gebouw moet worden voorzien van een lift voor personen”. Als er dan een platformlift, gebouwd onder de Machinerichtlijn, wordt voorzien, voldoet deze vaak niet aan de verwachtingen van de eigenaar en/of eindgebruikers. Dit zijn geen liften die gelijkwaardig genoemd kunnen worden als een normale personenlift. Er gelden belangrijke aandachtspunten. Lees verder

Congres verantwoord gebouwonderhoud – 17/18 mei 2011, Nieuwegein

Datum: 17-05-2011 t/m 18-05-2011
Locatie: NBC Blokhoeve 1 te Nieuwegein

De OSB, het Liftinstituut en VVE Belang organiseren samen  op 17 en 18 mei a.s. voor de tweede keer het congres Verantwoord Gebouwonderhoud. De editie van 17 mei is voor architecten, adviseurs, gebouweigenaren en -beheerders en facility managers. De editie van 18 mei is voor VvE leden.
Een ‘must’ voor iedereen, actief in ontwikkeling en beheer van gebouwen.Lees verder

Duurzaam gevelonderhoud wordt bepaald bij ontwerp

Regelgeving is op komst over de verplichting dat een gebouw na de bouw ook te onderhouden valt. Dat was het bericht dat wij hebben opgevangen tijdens het Congres verantwoord gebouwonderhoud in mei dit jaar. Dat het gebouw te onderhouden moet zijn is altijd al zo geweest. Het gaat zoals gewoonlijk weer om interpretaties. Omdat normen in Nederland bij voorkeur niet door onze overheid worden opgelegd, blijft het lastig. Waar moet je dan bij het ontwerp nu vanuit gaan?

Normen die je als ontwerper aanvaardbaar vindt zal je eerst als beleid moeten vastleggen voor jezelf. Dit kan ook tot een onderscheidend vermogen resulteren. Hoe kom je nu tot dit soort beleid? Samen met een onafhankelijke (externe) deskundige op het gebied van gevelonderhoudinstallaties zijn randvoorwaarden op te stellen. Dit kan gebruikt worden als raamwerk om te komen tot duurzaam ontwerpen.

Als het gaat om gevelonderhoud moet je vooraf ook keuzes maken over de wensen van duurzame arbeidsmiddelen. Gevelliften die relatief veel onderhoud vergen en/of een veel kortere levensduur hebben dan oorspronkelijk bedoeld, omdat de installatie niet voldoet, zijn niet duurzaam.

Duurzaam omgaan met onze wereld en omgeving wordt dus mede bepaald bij ontwerp van een gebouw. Wanneer een degelijke en duurzame gevelonderhoudinstallatie, met weinig onderhoud af kan en nauwelijks storingen kent, kan er sprake zijn van duurzaamheid. Er zijn gebouwen bekend waar geen goed functionerende installaties zijn toegepast. Achteraf blijkt vaak dat de keuze van de oplossing bij een leverancier is gelegd, met commerciële belangen. Dit is wel logisch voor de leverancier maar rijmt vaak niet met duurzaamheid. Onafhankelijk advies inwinnen draagt in basis al bij tot duurzame oplossingen.

Voor info: www.peron.nl / 0252-544962

Scootmobiel in lift: aandacht van gebruiker én eigenaar

De tragische ongevallen, vorige week, met scootmobielen die door de deuren van een lift zijn gereden, hebben na de media-aandacht ook bij ons geleid tot vragen. Er ontstaat door de media (vaak) ook onduidelijkheid of er nu wel of geen maatregelen noodzakelijk dan wel mogelijk zijn bij liften, als er iets mis gaat. Theoretisch is het uiteraard wel mogelijk om maatregelen te nemen om liftdeuren nog steviger te maken. Echter is het de vraag of dit het enige is en of dit wel betaalbaar is.Lees verder

Onderzoek Arbeidsinspectie naar afgekeurde liften

De arbeidsinspectie voert dit jaar controles uit op afgekeurd liften, zo staat in de Telegraaf vermeld. In een filmpje met een interview met de arbeidsinspectie wordt ook duidelijk dat het niet eenvoudig is om te vertellen waar het nu om draait met de inspecties van de arbeidsinspectie. Zij werken met gegevens van onder meer Het Liftinstituut om te controleren wat de reden is van de afkeuringen en of dit een reëel gevaar vormt voor zowel gebruikers als technici. Er zijn natuurlijk nog meer Certificerende Instellingen die niet in het krantenbericht genoemd worden. Dat het hier de eens per 18 maanden verplichte veiligheidskeuringen betreft, is hier niet echt duidelijk. De berichten die er in kranten en bladen zijn verschenen worden door met name journalisten behoorlijk uit verband gerukt. Anders is de informatie niet “spectaculair” of “sensationeel” genoeg.Lees verder

Liften zonder certificaat gevaarlijk in Nederland?!

Er wordt de suggestie gewekt met een krantenbericht in de Telegraaf van 10 november jl. dat er groot gevaar is door liften die onveilig zouden zijn. De directeur van Het Liftinstituut meent dat er onveilige situaties ontstaan doordat er liften zijn afgekeurd en dus draaien zonder certificaat. Wanneer een lift als onveilig bestempeld kan worden dan is een inspecteur of iedere andere deskundige al (moreel) verplicht om een lift stil te zetten als direct aantoonbaar gevaar dreigt. De aantallen genoemd in het krantenbericht behoeft mogelijk wel wat nuance. Bijvoorbeeld: een lift die is afgekeurd door Certificerende Instelling I blijft in bedrijf. Wordt de lift vervolgens gerepareerd en de modificatie wordt goedgekeurd door Certificerende Instelling II, dan is de statistiek van I al vervuild. Ook worden herkeuringen niet altijd op tijd aangevraagd, ondanks het feit dat de onveilige situatie al lang is verholpen. Ook hierdoor blijft de lift bestempeld als onveilig. Dit behoeft dus niet altijd het geval te zijn. Moeten deze liften dan ook worden stilgezet door de arbeidsinspectie? 

Dat er liften in bedrijf zijn zonder geldig certificaat is deels te wijten aan Het Liftinstituut zelf en aan liftbedrijven die niet altijd in staat blijken te zijn om op de gewenste tijdstippen te assisteren bij de keuring. Gezien het feit dat men niet in staat blijkt te zijn om de liften op tijd, binnen de verplicht gestelde 18 maanden te keuren is het logisch dat er geen geldig certificaat meer is voor de betreffende installatie. Dat wil niet direct zeggen dat een lift als onveilig bestempeld kan worden. Ook als men de liftkeuring meent te moeten afbreken omdat niet de gewenste arbo-oplossingen zijn doorgevoerd, blijft een geldig certificaat uit. Ook dit betekent niet dat een lift dan voor de gebruiker per definitie onveilig is. Het betekent dat de controle niet op tijd heeft plaatsgevonden en in veel gevallen is de lift wel veilig te benoemen, alleen is het dan nog niet aangetoond. Juridisch gezien is dit wel een onwenselijke situatie.  

Het krantenbericht suggereert tevens dat er een direct verband zou kunnen bestaan tussen het feit dat er ongevallen zijn geweest in de afgelopen jaren en het ontbreken van een geldig veiligheidscertificaat. Voor zover mijn informatie strekt is er in de afgelopen decennia geen ernstig ongeval bij een lift geweest als gevolg van een afgekeurde liftinstallatie. De meeste ernstige ongelukken vinden plaats bij montage en bij het gebruik van liften zonder cabineafsluiting. Dit laatste is met name gevaarlijk als de gebruiker een wagentje of ander rollend materieel in de lift gebruikt. En dan tussen het rollende materieel en de achterwand van de liftcabine gaat staan en de lading aan de schachtwand blijft hangen. Door het kantelen van de lading ontstaat er knelgevaar met kans op dodelijk gevolg. Toch gebeuren dergelijke ongelukken zo zelden dat de Nederlandse overheid hiertoe geen verplicht te nemen maatregelen oplegt. 

Sinds dat lifteigenaren zelf verantwoordelijk zijn voor het op tijd laten keuren komt het steeds vaker voor dat liften niet op tijd gekeurd worden. Zonder dat de lifteigenaar dit wil blijkt deze niet altijd in staat de betreffende Certificerende Instelling hiertoe te bewegen dit op tijd te doen. Dit wordt mogelijk wel in de statistieken als zodanig verwerkt, dat deze liften ook draaien zonder geldig veiligheidscertficaat, dat juridisch lijkt op een afgekeurde lift. 

Als de arbeidsinspectie nu al preventief liften moet stilzetten en verzegelen dan hebben we nog wel een enorm aantal deskundigen nodig die dit allemaal weer moeten herstellen. In een beperkt aantal gevallen zal het wel hout snijden. Ik zie wel dat het probleem veel complexer ligt. Hier kom ik nog wel een keer op terug. 

Ook hier heeft de eigenaar in veel gevallen nog te weinig grip op de situatie. Invloed om dit voor te zijn dan wel op dat het liftbedrijf tijdig haar verplichtingen nakomt,wordt nogal eens niet onderkent of is niet zichtbaar. 

Kortom het komt er op neer dat er nog een hele weg nodig is om liftbeheer vandaag de dag beheersbaar te maken zodat het afkeuren van liften nauwelijks en of onnodig voorkomt. Het niet aanwezig zijn van een geldig certificaat van veiligheid is niet per definitie hetzelfde als onveilige liften. 

Als u meer grip wilt op beheersbaar liftbeheer dan kunt u altijd vrijblijvend contact opnemen met Péron Liftadvies.

Glazenwassers bevrijd door brandweer Rotterdam

Twee glazenwassers hebben, op maandag 27 oktober 2008, in een zogenaamde gondelinstallatie van het Golden Tulip hotel in Rotterdam (tegenover de Erasmusbrug) angstige momenten moeten doorstaan. De installatie die nog niet zo oud is, is defect geraakt waardoor de gondel scheef is komen te hangen.

De werkelijk toedracht is (nog) niet duidelijk. Op de video is wel duidelijk dat de loopwagen op de rail defect is geraakt waardoor de ene zijde van de gondel naar beneden is gezakt. Of er daadwerkelijk gevaar is geweest dat de gehele installatie naar beneden zou storten is (geheel) niet duidelijk. Wel zichtbaar is dat de 4 (verplicht) aanwezige kabels allemaal nog vast zaten. Het lijkt er op dat draagconstructie los is geraakt van de aandrijving van het wagentje.

Over het algemeen kan gesteld worden dat dergelijk gevelliften grotere risicofactoren hebben qua constructie dan volautomatische types met een dakwagen die niet aan één rail hangt maar op twee railprofielen rijden.

De contructie cq. het ontwerp van het gebouw (onder de luifel) laat het gebruik van een gevellift met een zogenaamde pantograaf wellicht niet toe. De architectuur van zo’n gebouw is wel leuk maar zulke contructies leiden vaak tot ernstige consessies in degelijke en veiligere gevelliften met een dakwagen die op het dak op een degelijke railconstructie rijdt.